PaardrijdenVlaanderen
1. Paardrijden
Paardrijden omvat activiteiten waarbij een ruiter een paard berijdt. In het wegverkeer kunnen ruiters wegen, ruiterpaden of speciaal aangewezen routes gebruiken, afhankelijk van de geldende regels en de aanwezige infrastructuur.
Bestuurders die paarden en ruiters naderen moeten snelheid verminderen, voldoende afstand houden en plotseling geluid of bewegingen vermijden die het dier kunnen laten schrikken. Ook ruiters moeten de verkeersregels naleven die op hen van toepassing zijn.
Worden ruiters in België als bestuurders beschouwd?
Ja. Iemand die een rijdier berijdt, geleidt of bewaakt, geldt volgens de Belgische Wegcode als bestuurder en moet de toepasselijke verkeersregels naleven.
🔗 codex.vlaanderen.be • Belgische Wegcode — artikelen 2.13, 8.1, 10.3, 55.1–55.4 en 66.4 (A29)
🔗 wegcode.be • Wegcode van 1 december 1975 — 2.13, 8.1, 10.3, 55.1–55.4 en 66.4 (A29)
Mogen ruiters in België naast elkaar op de weg rijden?
Ja. Ruiters mogen op de rijbaan met twee naast elkaar rijden, met inachtneming van de overige verkeersregels en zonder gevaar of onnodige hinder te veroorzaken.
🔗 codex.vlaanderen.be • Belgische Wegcode — artikelen 2.13, 8.1, 10.3, 55.1–55.4 en 66.4 (A29)
🔗 wegcode.be • Wegcode van 1 december 1975 — 2.13, 8.1, 10.3, 55.1–55.4 en 66.4 (A29)

Verkeersregels
Vlaanderen