VerkeersregelsSpanje

Een introductie tot de verkeersregels en verkeersborden van Spanje. Leer meer over autorijden, verkeersveiligheid en nog veel meer in ons geïllustreerde boek, met antwoorden op veelgestelde vragen.

Uitsluitend ter informatie. Volg altijd de officiële regelgeving. Sommige inhoud en afbeeldingen zijn met behulp van AI gemaakt.


1 Spanje 2 Autosnelweg 3 Woongebied 4 Zone 5 Snelheidslimiet 6 Fietspad 7 Waarschuwing voor voetgangers 8 Tunnel 9 Tolweg 10 Kade 11 Helling 12 Doodlopende weg 13 Stopbord 14 Voorrang verlenen 15 Rotonde 16 Wegversmalling 17 Voetgangersoversteekplaats 18 Spoorwegovergang 19 Schoolomgeving 20 Inhalen 21 Overstekende dieren 22 Glad wegdek 23 Steenslag 24 Bocht 25 Wegwerkzaamheden 26 Hoogtebeperking 27 Selectieve barrières 28 Verkeerslichten 29 Waarschuwing voor verkeerslichten 30 Voetgangerslichten 31 Rijbewijs 32 Locatiemarkering 33 Aftelbakens 34 Verkeersspiegel 35 Internationale grens 36 Voetgangerstunnel 37 Fietsroute 38 Parkeren 39 Parkeren verboden 40 Parkeren voor personen met een handicap 41 Achteruitrijden 42 Voorlopig rijbewijs 43 Grens van de bebouwde kom 44 Kentekenplaat 45 Laadstation 46 Gevaren 47 Voetganger 48 Fietser 49 Bus 50 Politie 51 Ambulance 52 Europese emissienorm 53 Kuil 54 Pad 55 Fijnstof 56 Luchtverontreiniging 57 Spitsuur 58 Verkeersreglement 59 Straatgoot 60 Puin op de weg 61 Bakfiets 62 Bosbouwvoertuig 63 Bouwvoertuig 64 Trekker met oplegger 65 Trolleybus 66 Speedpedelec 67 Bezorgvoertuig 68 Stationair draaien 69 Takelwagen 70 Vierwielaandrijving 71 Verboden voor voertuigen 72 Fiets 73 Motorfietsuitrusting 74 Tram 75 Spoor 76 Caravan 77 Aanhangwagen 78 Trekhaak 79 Brandweerwagen 80 Sirene 81 Konvooi 82 Waarschuwingslichten van hulpdiensten 83 Landbouwmachines 84 Elektrische fiets 85 Elektrisch voertuig 86 Pedelec 87 Vierwieler 88 Microcar 89 Terreinvoertuig 90 Bestelwagen 91 Recreatievoertuig 92 Scooter 93 Trikke 94 Persoonlijk mobiliteitsmiddel 95 Skateboard 96 Segway 97 Step 98 Rolschaatsen 99 Postbezorger 100 Lifter ...

1. Spanje

Spanje beslaat het grootste deel van het Iberisch Schiereiland in Zuidwest-Europa, grenst aan Portugal, Frankrijk en Andorra en omvat ook de Balearen en de Canarische Eilanden. Het verkeer rijdt rechts. De wegomgeving varieert van autosnelwegen met hoge capaciteit en droge binnenlandse hoogvlakten tot bergwegen in de Pyreneeën en druk bereden kustcorridors langs de Middellandse Zee. Spaans wordt in het hele land op verkeersborden gebruikt; in autonome gemeenschappen met een andere officiële taal wordt geschreven informatie op verkeersborden ook in die mede-officiële taal weergegeven.

Spanje heeft een uitgebreid netwerk van autopistas en autovías, maar geen nationaal autosnelwegvignet; de meeste belangrijke routes zijn gratis, terwijl op bepaalde autosnelwegtrajecten tol wordt geheven. In stedelijke gebieden moet steeds meer rekening worden gehouden met lage-emissiezones (ZBE), waarvan de toegangsregels lokaal worden vastgesteld. Spanje voerde in 2026 ook een belangrijke veiligheidswijziging in: sinds 1 januari 2026 gebruiken voertuigen die onder de Spaanse uitrustingsregels vallen een gecertificeerd verbonden V16-noodlicht in plaats van gevarendriehoeken wanneer zij op de weg tot stilstand komen.

AI-generated by Rijbewijs-online.be • WCIT • CC BY-SA
Welk nummer kunt u in Spanje bellen bij een noodgeval?

Bel 112 voor dringende noodhulp. Geef de operator uw locatie door en leg uit wat er is gebeurd.

🔗 administracion.gob.es • Spaanse overheid, hulpdiensten via 112

Welke alcohollimieten gelden voor bestuurders in Spanje?

Algemene regel: Het algemene maximum bedraagt 0,5 g/l in het bloed of 0,25 mg/l in de adem. De DGT benadrukt dat nul het enige volledig veilige alcoholgehalte voor het rijden is.

Lagere limieten en uitzonderingen: Voor beginnende en bepaalde beroepsbestuurders geldt maximaal 0,3 g/l in het bloed of 0,15 mg/l in de adem. Voor minderjarige bestuurders geldt nultolerantie.

🔗 boe.es • Spanje, huidig algemeen verkeersreglement, artikelen 18, 20, 48, 50 en 117–119 voor zover van toepassing

🔗 dgt.es • Spaanse DGT, alcohol- en drugscontroles, 13 juli 2026

Welke snelheidslimieten gelden voor personenauto's in Spanje?

Binnen de bebouwde kom: Spanje gebruikt verschillende algemene limieten volgens de straatinrichting: 20 km/h waar rijbaan en voetpad op hetzelfde niveau liggen, 30 km/h op straten met één verkeersrijstrook per richting en 50 km/h op straten met twee of meer rijstroken per richting, tenzij borden een andere limiet vaststellen.

Gewone wegen buiten de bebouwde kom: Voor gewone personenauto's en motorfietsen bedraagt het algemene maximum 90 km/h, tenzij borden een andere limiet vaststellen.

Autosnelwegen: Voor gewone personenauto's en motorfietsen bedraagt het algemene maximum op autopistas en autovías 120 km/h, tenzij een lagere limiet is aangegeven.

🔗 boe.es • Spanje, huidig algemeen verkeersreglement, artikelen 18, 20, 48, 50 en 117–119 voor zover van toepassing

Welke regels voor veiligheidsgordels en kinderbeveiliging gelden in Spanje?

Veiligheidsgordels zijn verplicht voor bestuurders en passagiers op zitplaatsen die ermee zijn uitgerust, behoudens beperkte wettelijke vrijstellingen.

Kinderen van 135 cm of kleiner moeten een goedgekeurd kinderbeveiligingssysteem gebruiken dat bij hun lengte en gewicht past en normaal achterin reizen. Voorin reizen met het juiste systeem mag alleen wanneer er geen achterzitplaatsen zijn, alle achterzitplaatsen bezet zijn door kinderen die onder dezelfde regel vallen of de vereiste systemen daar niet allemaal kunnen worden geïnstalleerd.

Een achterwaarts gericht zitje voorin vereist een uitgeschakelde frontairbag. Een beperkte taxi-uitzondering staat achterin reizen zonder kinderbeveiligingssysteem toe voor kinderen kleiner dan 135 cm tijdens stedelijke ritten; ze geldt niet voor autosnelwegen of gewone interstedelijke wegen.

🔗 boe.es • Spanje, huidig algemeen verkeersreglement, artikelen 18, 20, 48, 50 en 117–119 voor zover van toepassing

Mag u tijdens het rijden een mobiele telefoon gebruiken in Spanje?

Een mobiele telefoon in de hand gebruiken tijdens het rijden is verboden. Gewone handsfree communicatie mag geen koptelefoon of vergelijkbare apparatuur omvatten. Een afzonderlijke uitzondering staat gecertificeerde of goedgekeurde draadloze apparaten in motor- of bromfietshelmen toe voor onderlinge communicatie of navigatie, als ze de rijveiligheid niet beïnvloeden. Elk toegestaan gebruik blijft onderworpen aan de plicht om op te letten en de controle te behouden.

🔗 boe.es • Spanje, huidig algemeen verkeersreglement, artikelen 18, 20, 48, 50 en 117–119 voor zover van toepassing

Welke veiligheidsuitrusting moet een Spaanse auto aan boord hebben?

Een Spaans ingeschreven personenauto die onder deze regels valt, moet een gecertificeerd verbonden V16-waarschuwingslicht, een reflecterend veiligheidsvest en een reservewiel met het nodige gereedschap of een aanvaardbaar alternatief bandenmobiliteitssysteem meenemen. Sinds 1 januari 2026 voldoet een niet-verbonden waarschuwingslicht niet als vereist waarschuwingsmiddel. Voertuigen met een buitenlandse inschrijving in internationaal verkeer mogen volgens de toepasselijke verdragsregels gevarendriehoeken blijven gebruiken.

🔗 dgt.es • Spaanse verkeersdienst, verbonden V-16-waarschuwingsmiddelen, verbonden V-16 en uitzondering voor internationaal verkeer

🔗 dgt.es • Officiële nationale autoriteit, richtlijnen voor de specifieke bewering

🔗 boe.es • Spanje, huidig algemeen voertuigreglement, bijlage XII, mee te nemen uitrusting en alternatieven voor bandenmobiliteit

Mag een bezoeker in Spanje een rijbewijs uit een ander EU-land gebruiken?

Ja. Een geldig, definitief EU-rijbewijs wordt erkend voor de voertuigcategorieën waarvoor het geldt. U moet aan de toepasselijke minimumleeftijd voldoen. Een voorlopig rijbewijs of tijdelijk vervangingsattest geniet niet dezelfde automatische erkenning.

🔗 europa.eu • Uw Europa, geldigheid van rijbewijs en verzekering

Zijn motorhelmen verplicht in Spanje?

Ja. Op een gewone, open motorfiets moeten zowel de bestuurder als de passagier een beschermende helm dragen. Gebruik een helm die aan de toepasselijke goedkeuringsvoorschriften voldoet en maak hem correct vast. Controleer de specifieke regels voordat u zich beroept op een vrijstelling voor een gesloten of speciaal uitgerust voertuig.

🔗 boe.es • Spanje, huidig algemeen verkeersreglement, artikelen 18, 20, 48, 50 en 117–119 voor zover van toepassing

2. Autosnelweg

Een autosnelweg is een weg die speciaal is ontworpen en aangeduid voor motorverkeer. Autosnelwegen hebben normaal gescheiden rijbanen voor verkeer in tegengestelde richtingen, gecontroleerde toegang via aangewezen op- en afritten, geen rechtstreekse toegang tot aangrenzende eigendommen en geen gelijkvloerse kruisingen met andere wegen, spoorwegen of paden.

Op autosnelwegen gelden bijzondere verkeersregels. De toegelaten weggebruikers, snelheidslimieten, rijstrookregels, tolheffing en noodprocedures verschillen per land, zodat bestuurders de lokale verkeersborden en regels moeten volgen.

Autosnelweg
Hoe noemt men een autosnelweg in Spanje?

De Spaanse regels onderscheiden autopista en autovía. Beide hebben bijzondere regels voor snelle wegen, maar hun toegangsregels zijn niet identiek. Controleer de wegcategorie en borden.

🔗 boe.es • Spanje: Algemeen Verkeersreglement artikelen 38,45-50,50(6); catalogus autosnelweg- en autovíaborden

🔗 boe.es • Spanje: officiële bordencatalogus, koninklijk besluit 465/2025

Welke snelheidslimiet geldt voor auto's op een autosnelweg in Spanje?

Voor een gewone personenauto zonder aanhangwagen is het algemene maximum buiten de bebouwde kom 120 km/h op een autopista of autovía. Binnen een plaats is het algemene maximum op een autosnelweg of autovía 80 km/h, tenzij een bevoegde aangegeven wijziging geldt. Volg lagere beperkingen en vertraag naargelang de omstandigheden.

🔗 boe.es • Spanje: Algemeen Verkeersreglement artikelen 38,45-50,50(6); catalogus autosnelweg- en autovíaborden

🔗 boe.es • Spanje: officiële bordencatalogus, koninklijk besluit 465/2025

Mogen fietsers Spaanse autosnelwegen of autowegen gebruiken?

Fietsers mogen geen autopista gebruiken. Op een autovía mogen fietsers ouder dan 14 de vluchtstrook gebruiken, tenzij een bord fietsen verbiedt. Voetgangers en bromfietsen mogen deze wegen niet gebruiken. Neem niet aan dat beide wegcategorieën identieke toegangsregels hebben.

🔗 boe.es • Spanje: Algemeen Verkeersreglement artikelen 38,45-50,50(6); catalogus autosnelweg- en autovíaborden

🔗 boe.es • Spanje: officiële bordencatalogus, koninklijk besluit 465/2025

Geldt er een minimumrijsnelheid op Spaanse autosnelwegen?

Het normale minimum op autosnelwegen en autowegen is 60 km/h, behoudens gerechtvaardigde uitzonderingen zoals verkeer of veiligheid. Als een noodsituatie u tot abnormaal traag rijden dwingt, verlaat u de weg bij de eerste afrit in plaats van de snelle weg te blijven volgen.

🔗 boe.es • Spanje: Algemeen Verkeersreglement artikelen 38,45-50,50(6); catalogus autosnelweg- en autovíaborden

🔗 boe.es • Spanje: officiële bordencatalogus, koninklijk besluit 465/2025

3. Woongebied

Een woongebied is een straat of groep straten waar wonen en toegang tot lokale eigendommen de belangrijkste functies zijn. Bestuurders moeten rekening houden met voetgangers, fietsers, kinderen, geparkeerde voertuigen en voertuigen die opritten in- of uitrijden.

Sommige landen duiden bepaalde woongebieden met verkeersborden aan en passen bijzondere lage-snelheids- of gedeelde-ruimteregels toe. De snelheidslimiet, rechten van voetgangers, parkeerregels en toegelaten weggebruikers hangen daarom af van lokale verkeersborden en voorschriften.

4. Zone

Een verkeerszone is een gebied waarin een verkeersregel geldt op alle wegen of weggedeelten die tot de zone behoren. De regel begint normaal bij een zonebord aan de ingang en blijft gelden totdat het bijbehorende eindezonebord wordt voorbijgereden.

Zones kunnen snelheid, parkeren, toegang, voertuigcategorieën, emissies of ander verkeersgedrag regelen. Welke borden worden gebruikt, welke wegen onder de zone vallen en welke gevolgen kruispunten of lokale uitzonderingen hebben, hangt af van de lokale verkeerswetgeving.

Zone

5. Snelheidslimiet

Een snelheidslimiet is de hoogste wettelijk toegestane snelheid op een weg, rijstrook of binnen een afgebakend gebied. Ze kan worden vastgesteld door algemene verkeersregels of worden aangegeven met vaste, variabele of tijdelijke verkeersborden.

Een snelheidslimiet is een maximum, geen streefsnelheid. Bestuurders moeten langzamer rijden wanneer verkeer, zicht, weer, wegomstandigheden, kwetsbare weggebruikers of de toestand van het voertuig de maximaal toegestane snelheid onveilig maken.

6. Fietspad

Een fietspad is een deel van een weg of een afzonderlijke route die hoofdzakelijk of uitsluitend bedoeld is voor mensen die fietsen. Het kan fysiek van het motorverkeer zijn gescheiden, op het wegdek zijn gemarkeerd of met verkeersborden zijn aangeduid.

Fietspaden kunnen eenrichtings- of tweerichtingsverkeer hebben of met andere weggebruikers worden gedeeld. De toegelaten gebruikers, rijrichting, voorrangsregels en verplichting om het pad te gebruiken hangen af van de lokale verkeersborden en regelgeving.

7. Waarschuwing voor voetgangers

Een waarschuwing voor voetgangers is een verkeerswaarschuwing die aangeeft dat verderop voetgangers de rijbaan kunnen oversteken of betreden. Ze wordt vaak gebruikt nabij voetgangersoversteekplaatsen of andere locaties waar bestuurders vooraf moeten worden gewaarschuwd voor veel voetgangersverkeer.

Bestuurders die een waarschuwing voor voetgangers naderen moeten waar nodig vertragen, goed op voetgangers letten en bereid zijn te stoppen. Het ontwerp van het waarschuwingsbord en de voorrangsregels bij de oversteekplaats verschillen per land.

Waarschuwing voor voetgangers

8. Tunnel

Een tunnel is een overdekte doorgang waardoor een weg door of onder een hindernis loopt, zoals een heuvel, berg, gebouw, waterweg of andere verkeersroute. Wegtunnels kunnen één of meer rijstroken hebben en verkeer in één of beide richtingen verwerken.

Rijden in een tunnel vereist bijzondere aandacht omdat zicht, beschikbare vluchtroutes en ruimte om gevaren te ontwijken beperkt zijn. Bestuurders moeten de toepasselijke regels voor verlichting, snelheid, rijstrookgebruik en volgafstand volgen en letten op nooduitgangen, verkeerslichten en variabele informatieborden.

Tunnel

9. Tolweg

Een tolweg is een weg, autosnelweg, brug, tunnel of andere route waarvoor gebruikers moeten betalen. De tol kan voor alle voertuigen gelden of alleen voor bepaalde voertuigcategorieën, en het bedrag kan afhangen van factoren zoals de afgelegde afstand, het voertuigtype, het gewicht of de uitstoot.

Tol kan worden geïnd bij tolpoorten, elektronisch of via een vignet- of afstandsgebaseerd heffingssysteem. Bestuurders moeten vóór gebruik van een tolweg de toepasselijke betalingsregels controleren, vooral wanneer zij in een ander land rijden.

Tolweg

10. Kade

Een kade is een aangelegd gebied langs een rivier, kanaal, haven of ander water, doorgaans gebruikt voor laden, lossen, het aanmeren van vaartuigen of toegang tot de waterkant. Een weg kan langs het water lopen of rechtstreeks naar de kaderand leiden.

In het wegverkeer waarschuwt een kadebord voor het risico dat een voertuig de weg kan verlaten en in het water terechtkomt. Bestuurders moeten snelheid verminderen, de weginrichting zorgvuldig observeren en voldoende afstand houden van de waterkant.

Kade

11. Helling

Een helling is een weggedeelte dat merkbaar stijgt of daalt. Een steile helling kan de voertuigsnelheid, remafstand, grip, zichtbaarheid en het vermogen van zware of zwak gemotoriseerde voertuigen om een constante snelheid aan te houden beïnvloeden.

Waarschuwingsborden kunnen een steile stijging of gevaarlijke afdaling aangeven en kunnen de hellingsgraad als percentage tonen. Bestuurders moeten tijdig hun snelheid aanpassen, een geschikte versnelling kiezen en rekening houden met langzame voertuigen, bochten en veranderende wegomstandigheden.

Helling

12. Doodlopende weg

Een doodlopende weg is een weg die voor sommige of alle voertuigen geen doorgaande verbinding biedt. Ze kan volledig eindigen, bij een afsluiting stoppen of verderlopen als een pad dat alleen door bepaalde weggebruikers mag worden gebruikt.

Bestuurders mogen normaal een doodlopende weg inrijden om woningen, handelszaken, parkeerplaatsen of andere bestemmingen te bereiken, maar moeten erop voorbereid zijn om te keren of langs dezelfde route terug te rijden. Verkeersborden kunnen aangeven dat voetgangers of fietsers wel verder kunnen voorbij het punt waar gemotoriseerd verkeer niet kan doorgaan.

Doodlopende weg

13. Stopbord

Een stopbord verplicht bestuurders om hun voertuig volledig tot stilstand te brengen en voorrang te verlenen voordat zij de weg voor hen oprijden of kruisen. Er moet worden gestopt aan de stopstreep of op een andere wettelijk voorgeschreven plaats.

Na het stoppen mag de bestuurder alleen verderrijden wanneer dit veilig kan en zonder het verkeer dat voorrang heeft te hinderen. Door te stoppen krijgt de bestuurder zelf geen voorrang.

Stopbord

14. Voorrang verlenen

Een bord voor voorrang verlenen verplicht bestuurders om verkeer met voorrang eerst te laten doorgaan voordat zij een weg oprijden, kruisen of invoegen. Bestuurders moeten snelheid verminderen, naderend verkeer observeren en indien nodig stoppen.

In tegenstelling tot een stopbord verplicht een bord voor voorrang verlenen niet altijd tot volledig stoppen. De bestuurder mag alleen zonder te stoppen doorrijden wanneer de route duidelijk veilig is en geen weggebruiker met voorrang wordt gedwongen snelheid of richting te veranderen.

Voorrang verlenen

15. Rotonde

Een rotonde is een cirkelvormige weginrichting waar verkeer in één aangeduide richting rond een centraal eiland rijdt. Voertuigen rijden de rotonde op en verlaten deze via aansluitende wegen, en verkeersborden of plaatselijke regels bepalen wie voorrang heeft.

Bestuurders moeten snelheid verminderen, een geschikte rijstrook kiezen, alle weggebruikers observeren en waar vereist richting aangeven bij het verlaten. De rijrichting, voorrang bij het oprijden, het rijstrookgebruik en de regels voor fietsers en voetgangers hangen af van plaatselijke verkeersborden en regels.

16. Wegversmalling

Een wegversmalling is een gedeelte waar de beschikbare breedte van de weg of rijbaan kleiner wordt. De versmalling kan aan beide zijden, slechts aan één zijde of doordat één of meer rijstroken eindigen ontstaan.

Bestuurders moeten snelheid verminderen, tegemoetkomend en naastgelegen verkeer observeren, voldoende zijdelingse afstand houden en invoegen wanneer dat nodig is. Waarschuwingsborden bepalen niet altijd de voorrang, dus bestuurders moeten eventuele voorrangsborden, rijstrookmarkeringen en lokale verkeersregels volgen.

Wegversmalling

17. Voetgangersoversteekplaats

Een voetgangersoversteekplaats is een aangewezen plaats waar voetgangers een weg kunnen oversteken. Ze wordt doorgaans aangeduid met wegmarkeringen, verkeersborden, verkeerslichten of een combinatie daarvan.

Bestuurders moeten met de nodige voorzichtigheid naderen en voorrang verlenen wanneer de plaatselijke wetgeving dat vereist. Voetgangers moeten ook op naderend verkeer letten en eventuele voetgangerslichten of aanwijzingen van bevoegde verkeersregelaars opvolgen.

Voetgangersoversteekplaats

18. Spoorwegovergang

Een spoorwegovergang, ook wel overweg genoemd, is een plaats waar een weg of pad spoorlijnen op hetzelfde niveau kruist. De overweg kan beveiligd zijn met slagbomen, waarschuwingslichten, bellen, verkeersborden of een combinatie van deze voorzieningen.

Weggebruikers moeten voorzichtig naderen en mogen de overweg nooit oprijden wanneer een trein nadert, waarschuwingssignalen actief zijn of de uitrit geblokkeerd is. Steek vlot over en stop of wacht nooit op de sporen en zorg dat u er niet vast komt te staan.

19. Schoolomgeving

Een schoolomgeving is een weg of een groep wegen nabij een school waar grote aantallen kinderen kunnen lopen, fietsen, oversteken of in- en uitstappen. Ze kan worden aangeduid met waarschuwingsborden, zoneborden, wegmarkeringen, verkeersremmende maatregelen of knipperlichten.

Bijzondere snelheidslimieten, parkeerbeperkingen of toegangsregels kunnen permanent gelden of alleen tijdens de aankomst- en vertrektijden van de school. Bestuurders moeten snelheid verminderen, extra goed op kinderen letten en bereid zijn te stoppen.

20. Inhalen

Inhalen is het voorbijrijden van een andere weggebruiker die in dezelfde richting rijdt. Dit houdt normaal in dat u naar een andere positie of rijstrook gaat, de tragere weggebruiker voorbijrijdt en terugkeert naar de juiste positie wanneer dat veilig is.

Voordat een bestuurder inhaalt, moet hij controleren of er voldoende zicht en ruimte is, spiegels en dode hoeken controleren, richting aangeven wanneer dat vereist is en nagaan of geen andere weggebruiker al aan het inhalen is. De manoeuvre moet worden voltooid zonder de snelheidslimiet te overschrijden of andere weggebruikers in gevaar te brengen.

21. Overstekende dieren

Een waarschuwing voor overstekende dieren duidt een plaats of wegvak aan waar wilde dieren, vee of bereden dieren de weg kunnen oprijden of oversteken. Dieren kunnen plots verschijnen, zich onvoorspelbaar bewegen of moeilijk zichtbaar zijn in het donker, tussen begroeiing of bij slecht weer.

Bestuurders moeten hun snelheid verlagen, beide kanten van de weg observeren en klaar zijn om te stoppen. Het waarschuwingsbord geeft dieren op zichzelf geen voorrang en legt geen numerieke snelheidslimiet op, maar bestuurders moeten vermijden dieren te laten schrikken, in gevaar te brengen of aan te rijden.

22. Glad wegdek

Een glad wegdek heeft minder grip voor de banden, waardoor sturen, remmen en accelereren minder doeltreffend kunnen zijn. Wegen kunnen glad worden door regen, ijs, sneeuw, modder, olie, los materiaal of andere stoffen op het wegdek. Bestuurders moeten hun snelheid verlagen, meer volgafstand houden en plotseling sturen, remmen of accelereren vermijden. Extra voorzichtigheid is nodig in bochten, op bruggen en overal waar het wegdek onverwacht verandert.

Glad wegdek

23. Steenslag

Een waarschuwing voor steenslag duidt een wegvak aan waar rotsen of stenen van een rotswand, insnijding of steile helling kunnen vallen, of waar reeds gevallen materiaal op de weg kan liggen. Het gevaar kan de volledige rijbaan treffen en plotseling ontstaan.

Bestuurders moeten hun snelheid verlagen, de weg en hellingen voor zich observeren, meer volgafstand houden en klaar zijn om te stoppen. Ze moeten onnodig stoppen in het blootgestelde wegvak vermijden en nooit zelf onstabiele rotsen proberen te verplaatsen.

Steenslag

24. Bocht

Een bocht is een wegvak dat naar links of rechts van richting verandert. Een scherpe, onverwachte of slecht zichtbare bocht kan het zicht van de bestuurder op tegemoetkomend verkeer, stilstaande voertuigen, voetgangers en andere gevaren beperken.

Bestuurders moeten hun snelheid verlagen vóór ze de bocht inrijden, binnen hun rijstrook blijven en geleidelijk sturen, remmen en accelereren. Waarschuwingsborden kunnen de richting van de eerste bocht of een reeks opeenvolgende bochten aangeven.

Bocht

25. Wegwerkzaamheden

Wegwerkzaamheden zijn bouw-, onderhouds-, herstel- of inspectiewerkzaamheden die op of naast een weg worden uitgevoerd. Ze kunnen de weginrichting, rijstrookbreedte, snelheidslimieten, voorrang, toegestane rijrichtingen en voorzieningen voor voetgangers of fietsers tijdelijk wijzigen.

Bestuurders moeten de tijdelijke verkeersborden, verkeerslichten, barrières, wegmarkeringen en aanwijzingen van bevoegde personen volgen. Ze moeten hun snelheid verminderen, hun volgafstand vergroten en rekening houden met smalle rijstroken, stilstaand verkeer, werknemers, machines en plotselinge wijzigingen in de route.

Wegwerkzaamheden