1. Japan

Japan is een eilandstaat in Oost-Azië die zich uitstrekt van het koude, besneeuwde Hokkaido in het noorden tot de subtropische eilanden van Okinawa. Het verkeer rijdt links en de wegomstandigheden variëren van uiterst dichte stedelijke wegennetten en smalle woonstraten tot bergwegen en een groot interstedelijk autosnelwegennet. Geschreven verkeersinformatie is hoofdzakelijk in het Japans, met kanji en de Japanse lettergrepenschriften, maar grote bewegwijzeringsborden bevatten vaak Latijnse letters of Engelse informatie en autosnelwegen gebruiken een E-nummer-routesysteem dat mede is ontworpen om navigatie voor internationale bezoekers eenvoudiger te maken.

Japan heeft geen nationaal autosnelwegvignet; veel autosnelwegen zijn tolwegen en ETC-elektronische tolheffing wordt veel gebruikt. De normale wettelijke maximumsnelheid voor een gewone personenauto op een nationale autosnelweg is 100 km/h, hoewel bepaalde trajecten zijn aangegeven met maximaal 120 km/h. Buitenlandse bezoekers moeten ook bijzonder op de rijbewijsregels letten: Japan accepteert geschikte internationale rijbewijzen volgens het Verdrag van Genève van 1949, terwijl rijbewijzen uit een kleine groep aangewezen landen en regio's in plaats daarvan kunnen worden gebruikt met een bevoegde Japanse vertaling. Sneeuw kan winteruitrusting essentieel maken in noordelijke en bergachtige gebieden, terwijl aardbevingen, tyfoons en zware regen tijdelijke afsluitingen en bijzondere verkeersbeperkingen kunnen veroorzaken.

AI-generated by Rijbewijs-online.be • WCIT • CC BY-SA
Aan welke kant van de weg rijdt u in Japan?

Rijd aan de linkerkant van de weg en haal normaal rechts in.

🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, regels voor veilig rijden, links houden

Mag u na alcoholgebruik rijden in Japan?

Nee. Drink vóór het rijden geen alcohol. Japan verbiedt rijden onder invloed en bestraft ook bepaalde personen die bewust een voertuig of alcohol aan een bestuurder geven of meerijden met een bestuurder die heeft gedronken.

🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, regels voor veilig rijden, verbod op rijden onder invloed

Welke snelheidslimieten gelden voor personenauto's in Japan?

Gewone wegen: Vanaf 1 september 2026 bedraagt het wettelijke maximum 30 km/h op de betrokken wegen zonder middenstreep of rijstroken. Wegen met een middenstreep, rijstroken, fysiek gescheiden richtingen en bepaalde andere genoemde wegen behouden het wettelijke maximum van 60 km/h, tenzij een andere snelheidslimiet is aangegeven.

Autosnelwegen: Voor een gewone personenauto bedraagt het normale wettelijke maximum op een nationale autosnelweg 100 km/h. Sommige hoogwaardig aangelegde trajecten hebben hogere aangegeven limieten tot 120 km/h, terwijl veel andere trajecten wegens weg-, weers- of verkeersomstandigheden lager zijn aangeduid.

🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, snelheidswijziging op woonwegen, limiet vanaf 1 september 2026; 🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, snelheidslimieten op autosnelwegen, wettelijke en aangegeven limieten

Zijn veiligheidsgordels verplicht in Japan?

Ja. Veiligheidsgordels zijn verplicht op alle zitplaatsen, ook achterin, waar gordels aanwezig zijn.

🔗 japaneselawtranslation.go.jp • Japanse overheid, wegenverkeerswet, Engelse vertaling, artikelen 33, 38, 71 en 71-3, verplichtingen voor veilig rijden; 🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, regels voor veilig rijden

Wanneer moeten kinderen een kinderzitje gebruiken in Japan?

Een bestuurder mag normaal geen kind jonger dan zes jaar vervoeren zonder geschikt kinderbeveiligingssysteem, behoudens beperkte wettelijke uitzonderingen. Een geschikt systeem wordt ook aanbevolen voor oudere kinderen die te klein zijn om een gewone gordel correct te laten passen.

🔗 japaneselawtranslation.go.jp • Japanse overheid, wegenverkeerswet, Engelse vertaling, artikelen 33, 38, 71 en 71-3, verplichtingen voor veilig rijden; 🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, regels voor veilig rijden

Mag u tijdens het rijden een mobiele telefoon gebruiken in Japan?

Nee. Een bestuurder mag terwijl het voertuig rijdt geen mobiele telefoon vasthouden om te bellen of voortdurend naar een telefoon of vergelijkbaar scherm kijken. Stop op een veilige plaats voordat u het apparaat bedient.

🔗 japaneselawtranslation.go.jp • Japanse overheid, wegenverkeerswet, Engelse vertaling, artikelen 33, 38, 71 en 71-3, verplichtingen voor veilig rijden; 🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, regels voor veilig rijden

Hebben voetgangers voorrang op voetgangersoversteekplaatsen in Japan?

Ja. Bestuurders die een oversteekplaats naderen, moeten voldoende vertragen om te kunnen stoppen, tenzij deze duidelijk leeg is, en moeten stoppen en voorrang verlenen wanneer een voetganger oversteekt of op het punt staat over te steken.

🔗 japaneselawtranslation.go.jp • Japanse overheid, wegenverkeerswet, Engelse vertaling, artikelen 33, 38, 71 en 71-3, verplichtingen voor veilig rijden; 🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, regels voor veilig rijden

Moet u stoppen bij overwegen in Japan?

Normaal wel. Voordat bestuurders spoorrails kruisen, moeten zij volledig stoppen en controleren of het veilig is. Wanneer een verkeerslicht de overweg rechtstreeks regelt, mogen zij volgens dat licht verderrijden.

🔗 japaneselawtranslation.go.jp • Japanse overheid, wegenverkeerswet, Engelse vertaling, artikelen 33, 38, 71 en 71-3, verplichtingen voor veilig rijden; 🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, regels voor veilig rijden

Welke rijbewijsdocumenten kunnen buitenlandse bezoekers gebruiken in Japan?

Internationaal rijbewijs: Alleen een geschikt internationaal rijbewijs afgegeven volgens het Verdrag van Genève van 1949 wordt aanvaard. Een internationaal rijbewijs volgens een ander verdrag of in een afwijkend formaat geeft niet automatisch rijbevoegdheid in Japan.

Buitenlands rijbewijs met vertaling: Bestuurders hebben normaal een Japans rijbewijs of een geschikt internationaal rijbewijs volgens het Verdrag van Genève nodig. Een bijzondere uitzondering staat rijbewijzen uit Zwitserland, Duitsland, Frankrijk, België, Monaco en Taiwan toe met een erkende Japanse vertaling.

Toegestane periode: In het algemeen hoogstens één jaar na binnenkomst in Japan of totdat het internationale rijbewijs vervalt, afhankelijk van wat het eerst gebeurt. Voor inwoners die Japan kort verlaten en weer binnenkomen, gelden bijzondere regels.

🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, rijbewijzen, mei 2026, erkende buitenlandse en internationale rijbewijzen

Zijn motorhelmen verplicht in Japan?

Ja. Bestuurders van motorfietsen en gemotoriseerde fietsen moeten een motorhelm dragen. Een motorrijder mag geen passagier vervoeren die er geen draagt. Zowel bestuurder als passagier heeft de vereiste bescherming nodig.

🔗 japaneselawtranslation.go.jp • Japanse overheid, wegenverkeerswet, Engelse vertaling

Moeten fietsers een helm dragen in Japan?

Ja. Sinds april 2023 vraagt de nationale wet alle fietsgebruikers om zich maximaal in te spannen om een helm te dragen. Gebruik een geschikte veiligheidshelm en maak de kinriem correct vast. Dit is een inspanningsverplichting en verschilt van de verplichte helmregel voor motorfietsen.

🔗 npa.go.jp • Japanse National Police Agency, fietshelmen

2. Autosnelweg

Een autosnelweg is een weg die speciaal is ontworpen en aangeduid voor motorverkeer. Autosnelwegen hebben normaal gescheiden rijbanen voor verkeer in tegengestelde richtingen, gecontroleerde toegang via aangewezen op- en afritten, geen rechtstreekse toegang tot aangrenzende eigendommen en geen gelijkvloerse kruisingen met andere wegen, spoorwegen of paden.

Op autosnelwegen gelden bijzondere verkeersregels. De toegelaten weggebruikers, snelheidslimieten, rijstrookregels, tolheffing en noodprocedures verschillen per land, zodat bestuurders de lokale verkeersborden en regels moeten volgen.

Autosnelweg
Hoe noemt men een autoweg in Japan?

De algemene Japanse term is 高速道路 (kōsoku dōro). De wettelijke categorieën omvatten nationale autosnelwegen en andere wegen uitsluitend voor motorvoertuigen; niet op elke weg die expressway wordt genoemd geldt dezelfde snelheidsregel zonder borden.

🔗 laws.e-gov.go.jp • Japanse Wegenverkeerswet — artikelen 22, 75-4 tot 75-7 en 75-11; besluit artikelen 11, 27 en 27-2

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele geldende Wegenverkeerswet, wijzigingsmetadata en volledige tekst

🔗 laws.e-gov.go.jp • Uitvoeringsbesluit Wegenverkeerswet — actuele bepalingen voor gewone wegen en autosnelwegen

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele metadata van geldende besluitwijzigingen

🔗 chugokushikoku.npa.go.jp • Regionale NPA — preventie van spookrijden op autowegen en incidentinstructies

🔗 npa.go.jp • NPA — autowegrijden en veiligheidsrichtlijnen

Welke snelheidslimiet geldt voor auto's op een autoweg in Japan?

Voor een gewone auto op een nationale autosnelweg is het normale wettelijke maximum 100 km/h. Op geselecteerde trajecten staat tot 120 km/h aangegeven; elders gelden lagere limieten. Volg de werkelijke borden; andere autowegcategorieën en voertuigklassen kunnen andere regels hebben.

🔗 laws.e-gov.go.jp • Japanse Wegenverkeerswet — artikelen 22, 75-4 tot 75-7 en 75-11; besluit artikelen 11, 27 en 27-2

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele geldende Wegenverkeerswet, wijzigingsmetadata en volledige tekst

🔗 laws.e-gov.go.jp • Uitvoeringsbesluit Wegenverkeerswet — actuele bepalingen voor gewone wegen en autosnelwegen

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele metadata van geldende besluitwijzigingen

🔗 chugokushikoku.npa.go.jp • Regionale NPA — preventie van spookrijden op autowegen en incidentinstructies

🔗 npa.go.jp • NPA — autowegrijden en veiligheidsrichtlijnen

Wat moet ik doen als ik een afrit mis op een autoweg in Japan?

Rijd door tot de volgende afrit. Rijd nooit achteruit, keer nooit en rijd nooit tegen het verkeer in op de autoweg.

🔗 laws.e-gov.go.jp • Japanse Wegenverkeerswet — artikelen 22, 75-4 tot 75-7 en 75-11; besluit artikelen 11, 27 en 27-2

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele geldende Wegenverkeerswet, wijzigingsmetadata en volledige tekst

🔗 laws.e-gov.go.jp • Uitvoeringsbesluit Wegenverkeerswet — actuele bepalingen voor gewone wegen en autosnelwegen

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele metadata van geldende besluitwijzigingen

🔗 chugokushikoku.npa.go.jp • Regionale NPA — preventie van spookrijden op autowegen en incidentinstructies

🔗 npa.go.jp • NPA — autowegrijden en veiligheidsrichtlijnen

Wat moet ik doen als mijn voertuig pech krijgt op een autoweg in Japan?

Bereik indien mogelijk een veilige stopplaats buiten de rijstroken en schakel de alarmknipperlichten in. Staat u vast op de rijbaan of vluchtstrook, waarschuw achteropkomend verkeer met de voorgeschreven stopwaarschuwingsmiddelen en plaats deze waar dat veilig kan. Ga als veilig uitstappen mogelijk is naar een beschermde plaats buiten het verkeer en meld de pech. Blijf niet in of naast een gestrand voertuig waar rijdend verkeer het kan raken.

🔗 laws.e-gov.go.jp • Japanse Wegenverkeerswet — artikelen 22, 75-4 tot 75-7 en 75-11; besluit artikelen 11, 27 en 27-2

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele geldende Wegenverkeerswet, wijzigingsmetadata en volledige tekst

🔗 laws.e-gov.go.jp • Uitvoeringsbesluit Wegenverkeerswet — actuele bepalingen voor gewone wegen en autosnelwegen

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele metadata van geldende besluitwijzigingen

🔗 chugokushikoku.npa.go.jp • Regionale NPA — preventie van spookrijden op autowegen en incidentinstructies

🔗 npa.go.jp • NPA — autowegrijden en veiligheidsrichtlijnen

3. Autoweg

Een autoweg is een weg die bedoeld is om doorgaand verkeer efficiënt te verwerken, doorgaans met hogere snelheden dan op gewone wegen. Autowegen hebben vaak beperkte toegang, meerdere rijstroken, gescheiden rijbanen of ongelijkvloerse kruispunten, maar hun ontwerp en juridische status verschillen per land.

Een autoweg is niet altijd een autosnelweg. Er kunnen kruispunten, verkeerslichten of rechtstreekse toegangen voorkomen, en de toegelaten weggebruikers, snelheidslimieten en bijzondere regels hangen af van de lokale verkeersborden en voorschriften.

Hoe noemt men een autoweg in Japan?

De Japanse regels onderscheiden 高速自動車国道 (kosoku jidosha kokudo), nationale autosnelwegroutes, van 自動車専用道路 (jidosha senyo doro), wegen voor motorvoertuigen. Stedelijke autowegen kunnen tot de laatste categorie behoren.

🔗 laws.e-gov.go.jp • Japanse Wegenverkeerswet — artikelen 20, 22 en 75-4 tot 75-7; besluit artikelen 11, 27 en 27-2

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele geldende Wegenverkeerswet, wijzigingsmetadata en volledige tekst

🔗 laws.e-gov.go.jp • Uitvoeringsbesluit Wegenverkeerswet — actuele bepalingen voor gewone wegen en autosnelwegen

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele metadata van geldende besluitwijzigingen

🔗 chugokushikoku.npa.go.jp • Regionale NPA — preventie van spookrijden op autowegen en incidentinstructies

🔗 npa.go.jp • NPA — autowegrijden en veiligheidsrichtlijnen

Welke snelheidslimiet geldt voor auto's op een autoweg in Japan?

Pas de standaard voor auto's op nationale autosnelwegen niet toe op elke weg uitsluitend voor motorvoertuigen. Op een weg voor motorvoertuigen buiten die nationale autosnelwegcategorie blijft het wettelijke maximum zonder borden 60 km/h. Aangegeven limieten kunnen verschillen; volg de werkelijke borden.

🔗 laws.e-gov.go.jp • Japanse Wegenverkeerswet — artikelen 20, 22 en 75-4 tot 75-7; besluit artikelen 11, 27 en 27-2

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele geldende Wegenverkeerswet, wijzigingsmetadata en volledige tekst

🔗 laws.e-gov.go.jp • Uitvoeringsbesluit Wegenverkeerswet — actuele bepalingen voor gewone wegen en autosnelwegen

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele metadata van geldende besluitwijzigingen

🔗 chugokushikoku.npa.go.jp • Regionale NPA — preventie van spookrijden op autowegen en incidentinstructies

🔗 npa.go.jp • NPA — autowegrijden en veiligheidsrichtlijnen

Welke rijstrook moet ik normaal gebruiken op een autoweg in Japan?

Het nationale politieagentschap adviseert links te houden en rijstroken te kiezen volgens voertuig, snelheid, verkeersbeperkingen en omringend verkeer. Gebruik de inhaalstrook correct en ga terug naar links zodra dat veilig kan.

🔗 laws.e-gov.go.jp • Japanse Wegenverkeerswet — artikelen 20, 22 en 75-4 tot 75-7; besluit artikelen 11, 27 en 27-2

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele geldende Wegenverkeerswet, wijzigingsmetadata en volledige tekst

🔗 laws.e-gov.go.jp • Uitvoeringsbesluit Wegenverkeerswet — actuele bepalingen voor gewone wegen en autosnelwegen

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele metadata van geldende besluitwijzigingen

🔗 chugokushikoku.npa.go.jp • Regionale NPA — preventie van spookrijden op autowegen en incidentinstructies

🔗 npa.go.jp • NPA — autowegrijden en veiligheidsrichtlijnen

Wat moet ik doen als ik een afrit mis op een autoweg in Japan?

Rijd door tot de volgende afrit en kies een veilige vervolgroute. Rijd niet achteruit en keer niet om een gemiste afrit te bereiken.

🔗 laws.e-gov.go.jp • Japanse Wegenverkeerswet — artikelen 20, 22 en 75-4 tot 75-7; besluit artikelen 11, 27 en 27-2

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele geldende Wegenverkeerswet, wijzigingsmetadata en volledige tekst

🔗 laws.e-gov.go.jp • Uitvoeringsbesluit Wegenverkeerswet — actuele bepalingen voor gewone wegen en autosnelwegen

🔗 laws.e-gov.go.jp • e-Gov — actuele metadata van geldende besluitwijzigingen

🔗 chugokushikoku.npa.go.jp • Regionale NPA — preventie van spookrijden op autowegen en incidentinstructies

🔗 npa.go.jp • NPA — autowegrijden en veiligheidsrichtlijnen

4. Zone

Een verkeerszone is een gebied waarin een verkeersregel geldt op alle wegen of weggedeelten die tot de zone behoren. De regel begint normaal bij een zonebord aan de ingang en blijft gelden totdat het bijbehorende eindezonebord wordt voorbijgereden.

Zones kunnen snelheid, parkeren, toegang, voertuigcategorieën, emissies of ander verkeersgedrag regelen. Welke borden worden gebruikt, welke wegen onder de zone vallen en welke gevolgen kruispunten of lokale uitzonderingen hebben, hangt af van de lokale verkeerswetgeving.

Zone

5. Snelheidslimiet

Een snelheidslimiet is de hoogste wettelijk toegestane snelheid op een weg, rijstrook of binnen een afgebakend gebied. Ze kan worden vastgesteld door algemene verkeersregels of worden aangegeven met vaste, variabele of tijdelijke verkeersborden.

Een snelheidslimiet is een maximum, geen streefsnelheid. Bestuurders moeten langzamer rijden wanneer verkeer, zicht, weer, wegomstandigheden, kwetsbare weggebruikers of de toestand van het voertuig de maximaal toegestane snelheid onveilig maken.

6. Minimumsnelheid

Een minimumsnelheid is de laagste snelheid die voertuigen op een bepaalde weg of onder bepaalde omstandigheden moeten aanhouden. Minimumsnelheden zijn bedoeld om te voorkomen dat voertuigen onnodig langzaam rijden en daardoor het verkeer verstoren of grote snelheidsverschillen tussen weggebruikers veroorzaken.

Een minimumsnelheid verplicht bestuurders niet om die snelheid aan te houden wanneer verkeer, weer, zicht, wegomstandigheden of veiligheid vereisen dat zij langzamer rijden. De manier waarop minimumsnelheden worden aangegeven en gehandhaafd, verschilt per land.

Minimumsnelheid

7. Voetpad

Een voetpad is een pad of deel van een weg dat hoofdzakelijk bestemd is voor voetgangersverkeer. Het kan langs een weg lopen, door een park of woongebied voeren of volledig losliggen van wegen die door motorvoertuigen worden gebruikt.

Een voetpad kan uitsluitend voor voetgangers zijn voorbehouden of deel uitmaken van een gedeelde route met fietsers of andere toegelaten gebruikers. Toegang, voorrang en toegelaten gebruikers hangen af van de verkeersborden en lokale regels die voor het pad gelden.

Voetpad

8. Fietspad

Een fietspad is een deel van een weg of een afzonderlijke route die hoofdzakelijk of uitsluitend bedoeld is voor mensen die fietsen. Het kan fysiek van het motorverkeer zijn gescheiden, op het wegdek zijn gemarkeerd of met verkeersborden zijn aangeduid.

Fietspaden kunnen eenrichtings- of tweerichtingsverkeer hebben of met andere weggebruikers worden gedeeld. De toegelaten gebruikers, rijrichting, voorrangsregels en verplichting om het pad te gebruiken hangen af van de lokale verkeersborden en regelgeving.

9. Gedeeld voet- en fietspad

Een gedeeld voet- en fietspad is een pad of deel van een weg dat bedoeld is voor gebruik door zowel voetgangers als fietsers. Anders dan bij voorzieningen waar voetgangers en fietsers duidelijk van elkaar zijn gescheiden, gebruiken zij op een gedeeld pad normaal dezelfde algemene ruimte.

Omdat gebruikers met sterk verschillende snelheden kunnen bewegen, moeten fietsers voetgangers voorzichtig naderen, hun snelheid aanpassen en voldoende ruimte laten bij het passeren. Welke gebruikers zijn toegestaan, welke voorrangsregels gelden en welke snelheidsbeperkingen van toepassing zijn, hangt af van de lokale verkeersborden en regelgeving.

Gedeeld voet- en fietspad

10. Tunnel

Een tunnel is een overdekte doorgang waardoor een weg door of onder een hindernis loopt, zoals een heuvel, berg, gebouw, waterweg of andere verkeersroute. Wegtunnels kunnen één of meer rijstroken hebben en verkeer in één of beide richtingen verwerken.

Rijden in een tunnel vereist bijzondere aandacht omdat zicht, beschikbare vluchtroutes en ruimte om gevaren te ontwijken beperkt zijn. Bestuurders moeten de toepasselijke regels voor verlichting, snelheid, rijstrookgebruik en volgafstand volgen en letten op nooduitgangen, verkeerslichten en variabele informatieborden.

Tunnel

11. Tolweg

Een tolweg is een weg, autosnelweg, brug, tunnel of andere route waarvoor gebruikers moeten betalen. De tol kan voor alle voertuigen gelden of alleen voor bepaalde voertuigcategorieën, en het bedrag kan afhangen van factoren zoals de afgelegde afstand, het voertuigtype, het gewicht of de uitstoot.

Tol kan worden geïnd bij tolpoorten, elektronisch of via een vignet- of afstandsgebaseerd heffingssysteem. Bestuurders moeten vóór gebruik van een tolweg de toepasselijke betalingsregels controleren, vooral wanneer zij in een ander land rijden.

Tolweg

12. Eenrichtingsverkeer

Eenrichtingsverkeer betekent dat voertuigen op een weg of rijbaan slechts in één aangeduide richting mogen rijden. De toegestane richting wordt normaal aangegeven met verkeersborden, rijstrookpijlen of wegmarkeringen.

Sommige weggebruikers, zoals fietsers of voertuigen van het openbaar vervoer, mogen in de tegenovergestelde richting rijden wanneer verkeersborden dit uitdrukkelijk toestaan. Een eenrichtingsweg bepaalt op zichzelf niet de snelheidslimiet, voorrang of parkeerregels.

Eenrichtingsverkeer

13. Kade

Een kade is een aangelegd gebied langs een rivier, kanaal, haven of ander water, doorgaans gebruikt voor laden, lossen, het aanmeren van vaartuigen of toegang tot de waterkant. Een weg kan langs het water lopen of rechtstreeks naar de kaderand leiden.

In het wegverkeer waarschuwt een kadebord voor het risico dat een voertuig de weg kan verlaten en in het water terechtkomt. Bestuurders moeten snelheid verminderen, de weginrichting zorgvuldig observeren en voldoende afstand houden van de waterkant.

Kade

14. Helling

Een helling is een weggedeelte dat merkbaar stijgt of daalt. Een steile helling kan de voertuigsnelheid, remafstand, grip, zichtbaarheid en het vermogen van zware of zwak gemotoriseerde voertuigen om een constante snelheid aan te houden beïnvloeden.

Waarschuwingsborden kunnen een steile stijging of gevaarlijke afdaling aangeven en kunnen de hellingsgraad als percentage tonen. Bestuurders moeten tijdig hun snelheid aanpassen, een geschikte versnelling kiezen en rekening houden met langzame voertuigen, bochten en veranderende wegomstandigheden.

15. Busstrook

Een busstrook is een rijstrook die in de eerste plaats is voorbehouden voor bussen of andere toegelaten voertuigen van het openbaar vervoer. Afhankelijk van de lokale regels kunnen ook taxi’s, fietsers, motorfietsen of andere aangeduide voertuigcategorieën er gebruik van maken.

Busstroken worden aangeduid met verkeersborden, wegmarkeringen, gekleurd wegdek of opschriften op de rijbaan. Bestuurders die de strook niet mogen gebruiken, mogen ze alleen oprijden of kruisen waar de lokale verkeersregels dit toestaan, bijvoorbeeld om af te slaan of een eigendom te bereiken.

16. Bushalte

Een bushalte is een aangeduide plaats waar bussen stoppen om passagiers te laten instappen of uitstappen. Ze kan worden aangegeven door een verkeersbord, schuilhuisje, verhoogd perron, wegmarkering of andere infrastructuur voor openbaar vervoer en kan langs de weg of in een speciaal aangelegde halteplaats liggen.

Bestuurders die een bushalte naderen, moeten goed letten op bussen, voetgangers en passagiers die de rijbaan oversteken of betreden. Rond bushaltes kunnen parkeer- of stilstandsbeperkingen gelden om de halte bereikbaar en goed zichtbaar te houden.

Bushalte

17. Stopbord

Een stopbord verplicht bestuurders om hun voertuig volledig tot stilstand te brengen en voorrang te verlenen voordat zij de weg voor hen oprijden of kruisen. Er moet worden gestopt aan de stopstreep of op een andere wettelijk voorgeschreven plaats.

Na het stoppen mag de bestuurder alleen verderrijden wanneer dit veilig kan en zonder het verkeer dat voorrang heeft te hinderen. Door te stoppen krijgt de bestuurder zelf geen voorrang.

Stopbord

18. Voorrang verlenen

Een bord voor voorrang verlenen verplicht bestuurders om verkeer met voorrang eerst te laten doorgaan voordat zij een weg oprijden, kruisen of invoegen. Bestuurders moeten snelheid verminderen, naderend verkeer observeren en indien nodig stoppen.

In tegenstelling tot een stopbord verplicht een bord voor voorrang verlenen niet altijd tot volledig stoppen. De bestuurder mag alleen zonder te stoppen doorrijden wanneer de route duidelijk veilig is en geen weggebruiker met voorrang wordt gedwongen snelheid of richting te veranderen.

Voorrang verlenen

19. Rotonde

Een rotonde is een cirkelvormige weginrichting waar verkeer in één aangeduide richting rond een centraal eiland rijdt. Voertuigen rijden de rotonde op en verlaten deze via aansluitende wegen, en verkeersborden of plaatselijke regels bepalen wie voorrang heeft.

Bestuurders moeten snelheid verminderen, een geschikte rijstrook kiezen, alle weggebruikers observeren en waar vereist richting aangeven bij het verlaten. De rijrichting, voorrang bij het oprijden, het rijstrookgebruik en de regels voor fietsers en voetgangers hangen af van plaatselijke verkeersborden en regels.

20. Wegversmalling

Een wegversmalling is een gedeelte waar de beschikbare breedte van de weg of rijbaan kleiner wordt. De versmalling kan aan beide zijden, slechts aan één zijde of doordat één of meer rijstroken eindigen ontstaan.

Bestuurders moeten snelheid verminderen, tegemoetkomend en naastgelegen verkeer observeren, voldoende zijdelingse afstand houden en invoegen wanneer dat nodig is. Waarschuwingsborden bepalen niet altijd de voorrang, dus bestuurders moeten eventuele voorrangsborden, rijstrookmarkeringen en lokale verkeersregels volgen.

Wegversmalling

21. Voetgangersoversteekplaats

Een voetgangersoversteekplaats is een aangewezen plaats waar voetgangers een weg kunnen oversteken. Ze wordt doorgaans aangeduid met wegmarkeringen, verkeersborden, verkeerslichten of een combinatie daarvan.

Bestuurders moeten met de nodige voorzichtigheid naderen en voorrang verlenen wanneer de plaatselijke wetgeving dat vereist. Voetgangers moeten ook op naderend verkeer letten en eventuele voetgangerslichten of aanwijzingen van bevoegde verkeersregelaars opvolgen.

Voetgangersoversteekplaats

22. Spoorwegovergang

Een spoorwegovergang, ook wel overweg genoemd, is een plaats waar een weg of pad spoorlijnen op hetzelfde niveau kruist. De overweg kan beveiligd zijn met slagbomen, waarschuwingslichten, bellen, verkeersborden of een combinatie van deze voorzieningen.

Weggebruikers moeten voorzichtig naderen en mogen de overweg nooit oprijden wanneer een trein nadert, waarschuwingssignalen actief zijn of de uitrit geblokkeerd is. Steek vlot over en stop of wacht nooit op de sporen en zorg dat u er niet vast komt te staan.

23. Verplichte rijrichting

Een bord met verplichte rijrichting verplicht bestuurders om uitsluitend in de richting of een van de richtingen te rijden die door de pijl of pijlen wordt aangegeven. Het kan verkeer verplichten rechtdoor te rijden, af te slaan of een hindernis langs een bepaalde zijde voorbij te rijden.

Het bord bepaalt op zichzelf geen voorrang of snelheid. Bestuurders moeten nog steeds de juiste rijstrook gebruiken, waar nodig richting aangeven en voorrang verlenen volgens de plaatselijke verkeersborden en verkeersregels.

24. Afslagverbod

Een afslagverbod verhindert bestuurders om af te slaan in de richting die door een verkeersbord wordt aangegeven. Het kan linksaf slaan, rechtsaf slaan of keren verbieden op een kruispunt of langs een bepaald wegvak.

Bestuurders moeten een toegestane route blijven volgen en eventuele rijstrookpijlen of borden met verplichte rijrichting respecteren. Een afslagverbod bepaalt op zichzelf geen voorrang of snelheid, en iedere uitzondering voor fietsers, openbaar vervoer of andere weggebruikers moet uitdrukkelijk worden aangegeven.

Afslagverbod

25. Schoolomgeving

Een schoolomgeving is een weg of een groep wegen nabij een school waar grote aantallen kinderen kunnen lopen, fietsen, oversteken of in- en uitstappen. Ze kan worden aangeduid met waarschuwingsborden, zoneborden, wegmarkeringen, verkeersremmende maatregelen of knipperlichten.

Bijzondere snelheidslimieten, parkeerbeperkingen of toegangsregels kunnen permanent gelden of alleen tijdens de aankomst- en vertrektijden van de school. Bestuurders moeten snelheid verminderen, extra goed op kinderen letten en bereid zijn te stoppen.

Schoolomgeving