loading

Verkeersregels

De verkeersregels beschrijven hoe een weggebruiker zich moet gedragen op de openbare weg, hieronder vallen verplichten maar ook advies om zo verstandig en veilig mogelijk te rijden. Alle weggebruikers moeten de verkeersregels goed kennen en toepassen.


4. Voorrangsregels

De voorrangsregels geven aan wie er als eerste door mag rijden. Ze zijn van toepassing bij kruispunten en wegversmallingen.


Op een ongecontroleerd kruispunt geldt voorrang van rechts.


Op een kruispunt met haaientanden moet u voorrang verlenen aan alle bestuurders.

Voorrang van rechts

Voorrang van rechts is van toepassing bij een ongecontroleerd kruispunt. Dat is een kruispunt waar het verkeer niet begeleid wordt door verkeersborden, wegmarkeringen of verkeerslichten. Bij zo'n kruispunt moeten alle bestuurders voorrang geven aan voertuigen die van rechts komen.

  • Voorrang van rechts is de basisregel en is geldig als er geen verkeersborden of wegmarkeringen zijn.

Waarschuwing voor een ongecontroleerd kruispunt.

Waarschuwing voor een ongecontroleerd kruispunt, let op voor fietsers en brommers van links en rechts.


Voorrang verlenen

Voorrang verlenen betekent dat u andere weggebruikers moet laten voor gaan. Bij een kruispunt dat wordt gecontroleerd door verkeersborden, geven de verkeersborden aan welke bestuurder voorrang heeft.

  • Voorrang verlenen betekent dat u andere weggebruikers moet laten voor gaan.

Geef voorrang aan alle bestuurders.


Stop en geef voorrang aan alle bestuurders.


Voorrangskruispunt

Als u op een hoofdweg rijdt moeten bestuurders op de zijwegen voorrang geven aan u, op de zijweg staat dan een verkeersbord met 'geef voorrang'.

  • Bij een voorrangskruispunt moeten de andere weggebruikers voorrang verlenen.
  • Het verkeersbord geldt enkel voor het volgende kruispunt.

Waarschuwing voor een kruispunt met zijwegen van links en rechts.


Waarschuwing voor een kruispunt met een zijweg van rechts.


Voorrangsweg

Bestuurders op een voorrangsweg hebben voorrang op alle volgende kruispunten tot het einde van de voorrangsweg.

  • Bij een voorrangsweg moeten de andere weggebruikers voorrang verlenen.
  • Het verkeersbord geldt voor alle volgende kruispunt tot het einde van de voorrangsweg.

Begin van een voorrangsweg.


Einde van de voorrangsweg.


Verkeerslichten

Bij een kruispunt gecontroleerd door verkeerslichten, geven de verkeerslichten aan wie er voorrang heeft. Als het verkeerslicht groen is, dan mag u doorrijden. Als het licht al een tijdje groen is, zorg dan dat u kan stoppen als het oranje wordt. Bij een oranje licht moet u stoppen, u mag enkel doorrijden als u al zo dicht bent dat u niet meer veilig kan stoppen. Bij een rood licht, moet u stoppen en wachten tot het licht groen wordt.


Groen verkeerslicht


Oranje verkeerslicht


Rood verkeerslicht


Groen verkeerslicht


Rood verkeerslicht


Rotonde

Een rotonde is een soort van cirkelvormig kruispunt waarin het verkeer continu in één richting rond een centraal eiland rijdt. De bestuurders op de rotonde hebben altijd voorrang.


Verplichte richting van de rotonde.


Op een rotonde met meerdere rijstroken, kiest u de rijstrook die het best aan uw bestemming beantwoordt.


Wegversmalling

Bij een wegversmalling is de weg niet breed genoeg om twee voertuigen te laten kruisen. Een wegversmalling kan worden aangeduid met onderstaande verkeersborden. Als er geen verkeersborden staan moet de bestuurder aan de kant van de hindernis voorrang verlenen.

  • Als er geen verkeersborden staan moet de bestuurder aan de kant van de hindernis voorrang verlenen.

Wegversmalling, tegenliggers moeten voorrang geven.


Wegversmalling, geef voorrang aan tegenliggers.


Waarschuwing voor een wegversmalling langs links.


Waarschuwing voor een wegversmalling.


Waarschuwing voor een wegversmalling langs rechts.


Voorrangsvoertuig

Een voorrangsvoertuig of prioritair voertuig is uitgerust met blauwe zwaailichten en een sirene. Het zijn voertuigen zoals een ambulance, brandweerwagen of politiewagen. Als de sirenes en blauwe zwaailichten aan staan dan moet u ervan uitgaan dat ze bezig zijn met een dringende opdracht. Sla niet in paniek en zorg dat het voorrangsvoertuig een vlotte doorgang heeft en geef voorrang, vertraag of stop.



Geef voorrang als de sirenes en zwaailichten aan staan.


Verkeersregelaar

Bij een kruispunt gecontroleerd door een verkeersregelaar moet u de bevelen van de politieagent opvolgen. Als de politieagent één arm verticaal heeft, moeten alle weggebruikers stoppen. Heeft hij één of twee armen horizontaal dan moeten weggebruikers die naar zijn buik en rug toekomen stoppen. Weggebruikers die naar zijn vingertoppen of zijn zijkant toe komen, mogen verder het kruispunt oprijden om rechtdoor, links of rechts af te slaan.

  • Arm verticaal: Alle weggebruikers moeten stoppen.
  • Arm horizontaal: Weggebruikers die naar zijn buik en rug toekomen stoppen.
  • Arm horizontaal: Weggebruikers die naar zijn vingertoppen of zijn zijkant toe komen, mogen het kruispunt oprijden.

Arm verticaal: Alle weggebruikers moeten stoppen.


Arm horizontaal: Weggebruikers die naar zijn buik en rug toekomen stoppen.


Arm horizontaal: Weggebruikers die naar zijn vingertoppen of zijn zijkant toe komen, mogen het kruispunt oprijden.